|
|
||||||||||||||
|
|
home |
|
zakelijk |
|
klantervaringen |
|
pers |
|
contact |
|
|
||||
|
Voorrangszorg met voorrang mogelijk maken
Financieel Dagblad 11.05.2009, door Werner Brouwer en Marco Varkevisser
Belemmer patiënten niet langer in het vinden van optimale zorg en ziekenhuizen in het aanboren van extra middelen Vorig jaar kregen in het Kennemer Gasthuis twee patiënten voorrang omdat een zorgbemiddelingsbureau het Haarlemse ziekenhuis voor elk 900 wilde betalen, met dank voor de snelle service. Net als bij eerdere gevallen deden critici het voorkomen alsof daarmee de bijl aan de wortel van ons solidaire zorgstelsel was gezet. Voornaamste kritiekpunt is dat voorrangszorg strijdig is met het idee dat iedereen in de zorg gelijk is en enkel medische noodzaak bepalend is voor de volgorde van behandeling. Het tegenargument dat dankzij de extra inkomsten ziekenhuizen in de weekenden en avonduren meer zorg kunnen verlenen, mocht niet baten. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) liet na onderzoek naar de handelwijze van het Kennemer Gasthuis minister Ab Klink van Volksgezondheid in een brief weten dat het genoemde initiatief in strijd is met de regels. Een conclusie die op het eerste gezicht de critici van voorrangszorg in het gelijk stelt. Niets is echter minder waar. De NZa stelt namelijk niet dat de handelwijze van het Kennemer Gasthuis tegen de wet is vanwege een dreigende tweedeling of ongelijke behandeling. Integendeel, er is louter sprake van een praktisch probleem. De Wet marktordening gezondheidszorg (WMG) verbiedt een ziekenhuis extra geld te ontvangen voor een dienst waarvoor al een DBC-tarief bestaat (diagnosebehandelingcombinatie). Deze regel moet voorkomen dat de premiebetaler via allerhande slimme constructies nog allerlei aanvullende kosten in rekening wordt gebracht, naast de reguliere tarieven die zorgverzekeraars al betalen. Maar de NZa is niet tegen zorgbemiddeling in het algemeen. In haar brief aan de minister toont de NZa zich eerder een voorstander. De toezichthouder wijst namelijk op voordelen als differentiatie van het zorgaanbod, de welvaartswinst voor de consument vanwege snellere hulp en een betere benutting van de aanwezige zorgcapaciteit waardoor de wachttijden kunnen afnemen. De NZa geeft aan dat 'er voldoende ruimte moet zijn voor zorgbemiddeling-en andere initiatieven die gehoor geven aan de behoeften van de consument en andere afnemers, zoals werkgevers'. Terecht heeft de NZa ook oog voor de nadelen van bemiddeling. Vooral het door critici veelvuldig genoemde potentiële probleem van voorrang op niet-medische gronden wordt genoemd. De NZa wijst hier echter op een heel ander uitgangspunt, namelijk dat adequate zorg voor iedereen gegarandeerd moet zijn waarbij de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) de relevante toezichthouder is. Juist door een model te kiezen waarbij tot nu toe ongebruikte additionele capaciteit via voorrangszorg wordt benut, kan de zorgkwaliteit voor iedereen toenemen. Dit voorkomt dan meteen een ander potentieel probleem van voorrangszorg, te weten verdringing. Dat het toestaan van extra betalingen tot premiestijgingen leidt acht de NZa onwaarschijnlijk. Deze betalingen komen immers veelal voor eigen rekening van patiënten of hun werkgevers, en dus niet ten laste van de premies. Van gelijkheid in de zorg wordt niemand beter
De stelling van Werner Brouwer
NRC 22.11.2008, door Ingmar Vriesema Om dit artikel te lezen klikt u hier Wat is er tegen voorkruipzorg?
09.04.2009, door Willem Wansink / TopSupport
Snelle hulp tegen betaling wakkert de tweedeling aan. Dat beweren de tegenstanders van 'voorkruipzorg'. Maar er bestaat al een tweedeling in de zorg. Want wie de beste relaties heeft, die komt het verst. 'Omkoping' Voorkruipzorg mag niet, stelt de SP. Ze spreekt van 'omkoping' als werknemers bij ziekte (tegen betaling) sneller naar een ziekenhuis kunnen. Het Haarlemse Kennemer Gasthuis en een bemiddelingsbureau wilden deze extra zorg in de avonduren mogelijk maken. Strijd met wet Ook minister Klink van Volksgezondheid (CDA) is er op tegen als patiënten via een commercieel bemiddelingsbureau eerder worden geholpen. Nu concludeert de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) dat dit soort zorgbemiddeling bij ziekenhuizen strijdig is met de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg). Nadenken De NZa laat weten dat de situatie kan veranderen. Dat klinkt nuchter. Niemand wil dat er een tweedeling ontstaat; wie meer betaalt, mag niet sneller aan de bak komen. Maar er mag over worden nagedacht. Vitamine-R Toch is hier sprake van selectieve verontwaardiging. Want er bestaat allang een tweedeling. Zij heet Vitamine-R, van relaties. Het gebeurt stiekem, maar wie veel vriendjes en ingangen in de zorg heeft, kan een betere plek op de wachtlijst krijgen. Bezwaar? Het VUmc in Amsterdam behandelt de profvoetballers van Ajax met voorrang. Daar wordt flink voor betaald. Het extra geld verdwijnt niet in de zakken van de dokters, het wordt gebruikt om de wachttijden voor andere patiënten te verkorten. Wat is daarop tegen? Kop in het zand Het alternatief is dat patiënten over de grens hulp zoeken. Dat mag van de Europese Unie, voor rijk en voor arm. Daar heeft de Nederlandse economie weer niets aan. Of steken we liever de kop in het zand? Van gelijkheid in de zorg wordt niemand beter
De stelling van Werner Brouwer
NRC 22.11.2008, door Ingmar Vriesema Om dit artikel te lezen klikt u hier QMS
Haarlems Dagblad 22.11.2008, door Annalaura Molducci
Het halve land valt over ze heen omdat ze zieke mensen uit het bedrijfsleven binnen een week in het ziekenhuis laten helpen. Voorkruipzorg, vindt de SP. Zorgelijk vindt minister Ab Klink van volksgezondheid. Maar de zorgbemiddelaars van Quality Medical Services doen niets fout door werknemers buiten de wachtlijst om sneller in het Haarlemse Kennemer Gasthuis te helpen. "Het wordt nu heel verkeerd uitgelegd. Iedereen heeft recht op zorg. Maar waarom zou je niet wat meer betalen om eerder aan de beurt te zijn?" In 2007 bedachten oud-tennisleraren Vahle uit Heemstede en Hendriksen uit Haarlem met oud-bedrijfsarts Pieter Bouws uit Amsterdam hun concept voor een efficiëntere, snellere zorg voor het bedrijfsleven. "We weten dat er een markt is. Bedrijven zijn er bij gebaat dat hun werknemers snel weer aan het werk gaan want elke niet gewerkte dag kost geld. Ze moeten hun zieke werknemers twee jaar doorbetalen. In 2011 wordt dat zelfs tien jaar. Maar ook ZZP'ers, bijvoorbeeld de timmerman zonder personeel, verliest 250 euro per niet gewerkte dag. Daar kan hij zich niet tegen verzekeren. Hij is dus ook beter af als hij zo snel mogelijk wordt gezien door een specialist en geopereerd." De vraag was er, nu aanbod nog. "We zijn met ons idee langs tientallen ziekenhuizen gegaan om te kijken of ze iets in ons plan zagen. We hebben alleen met raden van bestuur gesproken. Nu is de tijd. Ziekenhuizen kijken hoe ze geld kunnen verdienen. Dat doen ze niet alleen door hun vastgoed te verkopen, ze willen ook nieuwe dingen uitproberen." Een bedrijf dat gebruik maakt van de diensten van QMS koopt een abonnement. Per werknemer kost dat 250 euro per jaar. Wordt die werknemer eerder geholpen dat moet er nog eens een vergoeding van negenhonderd euro worden betaald. Dat geld gaat allemaal naar het ziekenhuis, want dat moet personeel en operatiekamers beschikbaar stellen op de incourante uren, dus op zaterdag of een doordeweekse avond. Verder moet het ook snel zorg regelen. "Dat is voor ziekenhuizen aantrekkelijk. Het zijn allemaal stichtingen dus ze steken het honorarium dat ze daarmee verdienen niet in hun eigen zak maar benutten het weer voor betere zorg. Ze kopen er bijvoorbeeld een mooi apparaat van of verbeteren hun zorg aan bijvoorbeeld kankerpatiënten." "Het meeste geld gaat dan ook naar de ziekenhuizen", zeggen Vahle en Hendriksen. "We willen niet als geldwolven worden neergezet. Daarom gaan we ons concept ook niet op tv bij Harry Mens vertellen, want dan ben je niet ethisch bezig." Uiteindelijk zijn er tien tot twaalf ziekenhuizen met ze in zee gaan. Nog niet iedereen heeft patiënten gestuurd. Ze zeggen niet welke ziekenhuizen het zijn en ook niet voor welke bedrijven ze bemiddelen. Het Slotervaart ziekenhuis viel af. "Daar was geen vertrouwen, ze wilden ons idee kopiëren." Het KG werd het wel. "Iemand uit dat ziekenhuis heeft dat kennelijk naar buiten gebracht waardoor het in de Kamer aan de orde kwam. Wij wilden het zelf low profile aanpakken, juist om te kijken of het wel zou lukken. We hebben een aantal voorwaarden over snelheid en kwaliteit gesteld, maar verder regelt het ziekenhuis alles. Ook de bedrijven bepalen zelf wie ze sturen. Dat kan een directiesecretaresse zijn of de directeur zelf maar ook de onmisbare arbeider met een cruciale positie aan de lopende band." Zo'n werknemer zit binnen drie dagen bij de specialist die een diagnose stelt, en ligt in geval van een operatie binnen een week op de operatietafel. "En nergens zit deze man of vrouw de gewone zorg in de weg omdat het op een zaterdag of een donderdagavond is, net wat het ziekenhuis goed uitkomt. Zij moeten het organiseren. Het is zeker niet zo dat deze mensen in alle luxe worden ontvangen. Ze zitten ook gewoon in de wachtkamer tussen de andere patiënten. En het gaat ook niet om spoedzorg of zorg aan kankerpatiënten of mensen met hartaandoeningen. Het gaat om verzekerde zorg die is te plannen zoals een liesbreuk maar ook om psychische zorg voor iemand met burnout. Het ziekenhuis regelt dat allemaal die plant ook de afspraak en de operatie. Wij zijn alleen intermediair." Inmiddels zijn er twee werknemers met voorrang geholpen in het Kennemer Gasthuis. "Een werkneemster van een groot bedrijf had rugklachten en wilde snel een second opinion, een tweede werknemer had darmproblemen." Ze zijn alleen bij de specialist op het spreekuur geweest en niet geopereerd, zegt het ziekenhuis. "Het is heel goed en moedig van het KG dat ze met ons in zee willen gaan en daarmee ook naar buiten komen." Tot nu toe gaat het alleen om werknemers maar in de loop van 2009 zijn er ook plannen voor snelle hulp aan particulieren. "Maar dat is een heel ander circuit. Daarvoor denken we aan samenwerking met specialisten in zelfstandige behandelcentra.'' Geen voorkruipzorg in Kennemer Gasthuis
Zorgvisie 19.11.2008, door Carina van Aartsen Het Kennemer Gasthuis werkt samen met een commercieel zorgbemiddelingsbureau en behandelt patiënten sneller tegen betaling. Politiek Den Haag beticht het ziekenhuis van 'voorkruipzorg'. Het ziekenhuis en bemiddelingsbureau Quality Medical Services ontkennen. Minister Klink is enthousiast. Het Kennemer Gasthuis stelt dat het alleen extra- en restcapaciteit benut en dat het slechts gaat om werknemers van bedrijven waar Quality Medical Services voor bemiddelt. Woordvoerder Marjolein Goos: "We doen dit onder de voorwaarde dat het nooit ten koste van andere patiënten mag gaan." QMS betaalt het Kennemer Gasthuis 900 euro per geplaatste patiënt. Daarvan gaat de helft naar het ziekenhuis en de helft naar de specialist. Het gaat alleen om zorg in het vrije prijssegment. Pieter Bouws, medisch directeur QMS: "De afspraak is: binnen drie dagen bij de specialist, binnen een week de diagnose en als er behandeld moet worden dan moet dat binnen een week daarna." Het initiatief is helemaal niet nieuw, zo zeggen het ziekenhuis en het bemiddelingsbureau. Financiële compensatie Beide wijzen op de bedrijvenpoli's die al veel langer bestaan. Bouws: "Wij zijn wel de eerste die het ziekenhuis hiervoor betaalt en dat werkt. Ach, artsen zijn net mensen." Goos: "Wij investeren dit geld weer in de zorg." Werkterrein uitbreiden Tot nu toe heeft QMS twee maal een patiënt verwezen. Als het gaat lopen, wil QMS haar werkterrein uitbreiden: "Wij willen een bredere spreiding en praten ook met andere ziekenhuizen. Bestuurders zijn razend enthousiast maar vervolgens blijkt het tijd te kosten om intern uit te leggen dat dit initiatief positief te waarderen valt." Ook minister Klink reageert niet afwijzend. Hij antwoordde op Kamervragen: "Het is een goede zaak dat dergelijke ontwikkelingen nu een kans krijgen. Uiteindelijk profiteren verzekerden hiervan." Kennemer Gasthuis gaat gewoon door met leveren 'zorg-op-maat'
Haarlems Dagblad 13.11.2008
Het Kennemer Gasthuis is niet van plan te stoppen met het verlenen van zorg aan patiënten die via bedrijven komen. Dat zegt bestuurder Harry Luik. "Wij zijn benaderd door een zorgbemiddelaar die ons heeft gevraagd of wij patiënten van hun klanten, dat zijn bedrijven, in ons ziekenhuis willen bedienen. Wij doen niets fout. We leveren gewoon zorg op maat. Ik denk dat de minister en de Nederlandse Zorg Autoriteit dat niet kunnen verbieden." |
|||||||||||||||
|
|||||||||||||||